Verantwoording: Klare taal

Genre: Achtergrondverhaal
Magazine: Quest Magazine
Doelgroep: De doelgroep van Quest bestaat uit hoogopgeleide en nieuwsgierige vrouwen en mannen tussen de 20 en 49 jaar. Ze zijn impulsief, avontuurlijk en zeer geïnteresseerd in technologische ontwikkelingen. Quest is een van de grootste tijdschriften van Nederland en ongeëvenaard in het populairwetenschappelijke segment. 1,1 miljoen Nederlanders lezen maandelijks Quest, waarvan 716.000 de boodschappen doen. Het tijdschrift brengt een combinatie van leuke, toegankelijke en wetenschappelijk onderbouwde content met een grote dosis humor. Quest is braintainment: al lezend word je op een leuke manier wijzer.

Het weekblad bevat verscheidene rubrieken die maandelijks terugkeren. Voeding, Mens & Lichaam / Psychologie, Natuur & Milieu, Mens & Dier, technologie. Populaire rubrieken zijn Psychologie, Masterclass en Vraag & Antwoord, waarbij de lezer wordt betrokken bij het blad.

Het gekozen onderwerp: Voordat ik een concreet onderwerp had, wilde ik hoe dan ook iets schrijven voor de Quest. Pas toen ik enkele weken begonnen ben met een thuisstudie Japans zijn de ideeën komen opborrelen. Deze taal is zoveel ingewikkelder dan ik dacht, dat ik mij begon af te vragen hoe taal nou werkt. Verschillende ideeën zijn de revue gepasseerd. De Nederlandse taal, hoe reageren onze hersenen op taal en de taal in zijn eenvoud zijn invalshoeken die ik uiteindelijk niet gekozen heb.

In plaats daarvan heb ik mij gefocust op de Nederlander. We zijn als handelsland namelijk afhankelijk van het buitenland, maar wat komt er allemaal kijken bij die gedachte. Ik heb veel research gedaan naar taalontwikkeling, landen waar Nederlands gesproken wordt en de moeilijkheid van talen. Het is een heel moeilijk proces geweest om informatie te schrappen. Bijvoorbeeld onze breinwerking op taal. Daarover alleen zou je al een heel artikel kunnen schrijven, maar dat paste niet bij de invalshoek die ik wilde gebruiken.

Ik heb de Nederlander als uitgangspunt gepakt en gekeken naar waar wij mee te maken krijgen. Hoe we taal leren als kinderen en welke talen wij gemakkelijk leren of juist gecompliceerd vinden zijn daardoor onderdelen van het artikel geworden. Ironisch genoeg werd Japans bestempeld als de moeilijkst leerbare taal, dus daar moest ik als kersverse student Japans wel wat mee doen. Om meer inzicht in deze taal te krijgen heb ik contact gezocht met Loek Van Kooten, een expert op het gebied van de Japanse taal woonachtig in Leiden.

Met hem heb ik gesproken en ik heb contact gezocht met taalbureaus over andere talen, zoals het Arabisch en Russisch. Vanuit de invalshoek kon ik de antwoorden over het Arabisch en Russisch wel gebruiken voor het artikel. Dit heb ik uiteindelijk toch niet gedaan. Het artikel zou daarmee teveel van het onderwerp dat ik wilde belichten afstappen. In mijn research heb ik gezocht naar een manier om taalbarrières te doorbreken en welke talen we gemakkelijk leren als Nederlanders. Die informatie kon ik gemakkelijker verwerken. Toen ik mijn informatie verzameld had, heb ik het artikel geschreven en het eindresultaat is daarvan de uitkomst. Daarbij is ook het Max Planck institute for Psycholinquistics belangrijk geweest. Hier zijn onderzoeksresultaten met betrekking tot taal te vinden.

Het artikel in de Quest wordt ondersteund met aanvullende informatie in kaders. Hierbij heb ik zorgvuldig gekeken naar welke informatie aansluit op het artikel en relevant is om te weten. Vandaar dat ik in kaders dieper inga op Nederlandse taalverspreiding, welke talen moeilijk te spreken zijn en het Lingua Franca waar we wereldwijd mee te maken krijgen. Vooral Engels is voor Nederlanders een Lingua Franca.

Bij het artikel voor de Elsevier zal ik dit ook bespreken, maar eveneens heb ik mijn artikel moeten aanpassen op aanhalingstekens. Ik gebruik dubbele, maar in de Quest wordt gebruikgemaakt van enkele aanhalingstekens. Dit heb ik dus gecorrigeerd. De Quest maakt daarnaast geen gebruik van streamers. Wel staat er boven langere artikelen een chapeau. Dit zie je terug in mijn artikel.

Bronnen:

  • Loek van Kooten – Japans is de moeilijkste taal om te leren. Loek van Kooten is drs. Japanologie en heeft veel uitleg over de taal kunnen geven.
  • David Peeters – Hij verwees mij voor antwoorden op vragen die ik hem stelde naar het Max Planck institute for Psycholinquistics.
  • Dr. Jan. H. Hulsestijn – Op een interview met de Universiteit van Amsterdam bespreekt hij welke talen voor ons gemakkelijk te leren zijn.
  • Max Planck institute for Psycholinquistics – Hier heb ik antwoorden kunnen vinden over vragen die ik kon gebruiken voor het artikel. Veel van de onderwerpen waar het instituut antwoorden geeft, heb ik bewust niet gebruikt voor het artikel. Dat staat hierboven uitgelegd.
  • De Amerikaanse overheid – Het onderzoek naar wereldvreemde talen heeft inzichten gegeven om te gebruiken in het artikel. Het heeft enorm geholpen om de verschillen in taal te kunnen ontdekken.
  • Nederlandse Taalunie – in het archief van de Nederlandse Taalunie wordt verwezen naar de wereldwijde verspreiding van de Nederlandse taal.
  • Rijksoverheid – Zij verschaffen informatie over welke talen verplicht zijn om te leren op Nederlandse scholen.
  • Minna no Nihongo – Dit is een Japanse boekenreeks die ik thuis in de schappen heb staan. Hierin staat uitleg over de Japanse taal, grammatica, uitspraak, etc. Dit heb ik gebruikt voor mijn research en als ondersteuning gebruikt bij het opstellen van interviewvragen voor Loek van Kooten.
Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s